Gebruikersnaam:   Wachtwoord:   Gratis Registreren | Wachtwoord vergeten?
Rechtenforum.nl
Rechtenforum.nl Rechtenforum.nl
 
Controle paneel
Registreren Registreren
Agenda Agenda
Help Help
Zoeken Zoeken
Inloggen Inloggen

Partners
Energie vergelijken
Internet vergelijken
Hypotheek berekenen

Rechtsbronnen
Rechtspraak
Kamervragen
Kamerstukken
AMvBs
Beleidsregels
Circulaires
Koninklijke Besluiten
Ministeriële Regelingen
Regelingen PBO/OLBB
Regelingen ZBO
Reglementen van Orde
Rijkskoninklijke Besl.
Rijkswetten
Verdragen
Wetten Overzicht

Wettenbundel
Awb - Algm. w. best...
AWR - Algm. w. inz...
BW Boek 1 - Burg...
BW Boek 2 - Burg...
BW Boek 3 - Burg...
BW Boek 4 - Burg...
BW Boek 5 - Burg...
BW Boek 6 - Burg...
BW Boek 7 - Burg...
BW Boek 7a - Burg...
BW Boek 8 - Burg...
FW - Faillissement...
Gemw - Gemeente...
GW - Grondwet
KW - Kieswet
PW - Provinciewet
WW - Werkloosheid...
Wbp - Wet bescherm...
IB - Wet inkomstbel...
WAO - Wet op de arb..
WWB - W. werk & bij...
RV - W. v. Burgerlijk...
Sr - W. v. Strafrecht
Sv - W. v. Strafvor...

Visie
Werkgevers toch ...
Waarderingsperik...
Het verschonings...
Indirect discrim...
Een recht op ide...
» Visie insturen

Rechtennieuws.nl
Loods mag worden...
KPN bereikt akko...
Van der Steur wi...
AKD adviseert de...
Kneppelhout beno...
» Nieuws melden

Snellinks
EUR
OUNL
RuG
RUN
UL
UM
UU
UvA
UvT
VU
Meer links

Rechtenforum
Over Rechtenforum
Maak favoriet
Maak startpagina
Mail deze site
Link naar ons
Colofon
Meedoen
Feedback
Contact

Recente topics
Foto opvragen ...
Every news tha...
Time to buy cl...
Goederenrecht ...
subrogatie bij...

Carrière
Boekel De NerÚe
CMS DSB

Content Syndication


 
Het is nu ma 21 okt 2019 19:48
Bekijk onbeantwoorde berichten

Tijden zijn in GMT + 2 uur

Familie recht dwaling en.. hoe nu verder
Moderator: Moderator Team

 
Plaats nieuw bericht   Plaats reactie Pagina 1 van 1
Printvriendelijk | E-mail vriend(in) Vorige onderwerp | Volgende onderwerp  
Auteur Bericht
paulustmr



Leeftijd: 62
Geslacht: Man
Sterrenbeeld: Steenbok


Berichten: 7


BerichtGeplaatst: zo 03 sep 2017 11:48    Onderwerp: Familie recht dwaling en.. hoe nu verder Reageer met quote Naar onder Naar boven

edited:<modificaties ter verduidelijking>

Bij het gerechtshof in Den Haag heeft recentelijk een zaak gediend met betrekking tot een verdeling van de in de huwelijkse periode verworven goederen van een gescheiden echtpaar.
Het echtpaar had ter veiligstelling van het huwelijksvermogen op schuldeisers van eventuele toekomstige bedrijven in de huwelijkse voorwaarden opgenomen dat zij waren gehuwd op basis van uitsluiting van gemeenschap van goederen en dat middels een verrekeningsbeding het jaarlijks overgespaard vermogen zou worden verdeeld.
Tijdens het huwelijk is door het echtpaar een woning gekocht. Deze werd op naam van de vrouw gesteld. Aan deze woning hebben ter verbetering diverse verbouwingen plaatsgevonden welke gefinancierd werden middels een aantal verbouwingshypotheken zonder depot.
In de loop der jaren werden de rekeningen van deze verbouwingen na het verstrijken van de garantieperiode en de termijn waarbinnen de belastingdienst hier navraag naar kon doen weggegooid.
Beide echtelieden zijn nimmer tot daadwerkelijke uitvoering van het verrekeningsbeding overgegaan.

Tijdens de procedure stelde de man dat hij had ge´nvesteerd in de gezamenlijke echtelijke woning en dat hij mede daarnaast op grond van het verrekeningsbeding uit de huwelijkse voorwaarden recht had op een deel van de waarde van de woning (subsidiair).
Om de rechtbank te kunnen laten vaststellen op welk deel van de waarde de man recht had heeft de man een opsomming van zijn uit voorhuwelijks ge´nvesteerd vermogen, contracten van de verbouwingshypotheken, de afbetalingsbewijzen hiervan en de waardestijging van de woning middels de via de notariŰle akte vastgestelde aankoopsom en een beŰdigde taxatie van de woning in de huidige staat aan de rechtbank overlegd.

Daarentegen verklaarde de vrouw in haar verweer dat haar niet bekend was dat de man middels voorhuwelijks vermogen in de op haar naam staande woning zou hebben ge´nvesteerd en dat de uit de verbouwingshypotheken afkomstige gelden voor een ander doel zouden zijn gebruikt dan aan de woning. Zij overlegde een aantal selectief gekozen overschrijvingsbewijzen van stortingen op haar rekening en stelde op grond daarvan dat zij alleen in de aanschaf en verbouwingen aan de woning heeft voorzien. De vrouw onderbouwd haar stelling niet met enig betalingsbewijs.

De man heeft daarop, middels ingebrachte verklaringen van officiŰle instanties, de rechtbank erop gewezen dat de stelling van de vrouw niet juist was en kon zijn.

De rechtbank oordeelde, op grond van hetgeen de vrouw in haar verweerschrift stelde en m.n. de door de vrouw aangeleverde stortingsbewijzen, dat het aannemelijk was dat de versie van de vrouw juist is. De rechtbank was verder van mening dat zij de waardestijging van de woning niet kon vaststellen omdat niet vˇˇr en na elke verbouwing een waardebepaling was uitgevoerd en zij daarom onvoldoende inzicht had welke waardevermeerdering door de verbouwingen had plaatsgevonden. Verder oordeelde de rechtbank ten onrechte dat de 'stel en bewijslast' bij de man lag en dat deze onvoldoende zijn ge´nvesteerd vermogen had aangetoond.

De man kon zich niet in deze uitspraak vinden en heeft het gerechtshof gevraagd nogmaals naar de zaak te kijken. Hij wees het hof daarbij op het feit dat door de vrouw geen sluitend bewijs is overlegd waarmee zij zou hebben aangetoond dat haar stelling juist is.
Daarnaast levert hij als toevoeging op zijn stelling een verklaring van de kredietverstrekker waaruit blijkt dat deze heeft geconstateerd dat naar behoren aan de bestedingsvoorwaarden van de verbouwingskredieten is voldaan. De man laat zijn eis tot verrekening van zijn uit voorhuwelijks ge´nvesteerd vermogen vallen omdat hij het met de rechtbank eens is dat hij dit deel onvoldoende kan aantonen. De vrouw levert in hoger beroep geen aanvullende documenten behoudens haar verweerschrift.


De van toepassing zijnde wetsartikelen.
Art. 1:136 lid 2 BW.
Bestaat tussen de echtgenoten een geschil omtrent de vraag of een goed tot het te verrekenen vermogen wordt gerekend en kan geen van beiden bewijzen dat het goed tot het niet te verrekenen vermogen wordt gerekend, dan wordt dat goed aangemerkt als te rekenen tot het te verrekenen vermogen. Het vermoeden werkt niet ten nadele van de schuldeisers der echtgenoten.

Daarnaast voorziet Art. 1:141 BW in gevallen waarin nimmer aan het verrekeningsbeding is voldaan.
In lid 3 van betreffend artikel staat vermeld:
Indien bij het einde van het huwelijk aan een bij huwelijkse voorwaarden overeengekomen periodieke verrekenplicht als bedoeld in het eerste lid niet is voldaan, wordt het alsdan aanwezige vermogen vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden, tenzij uit de eisen van redelijkheid en billijkheid in het licht van de aard en omvang van de verrekenplicht anders voortvloeit. Artikel 143 is van overeenkomstige toepassing.

De vrouw heeft in haar verweer geen beroep gedaan op deze laatst genoemde bijzondere omstandigheden.
Met het oog op de 'stel en bewijslast' zou de vrouw, welke stelt dat de woning niet tot het te verrekenen vermogen behoort, haar stelling van bewijzen behoren te voorzien.

Het gerechtshof is van mening dat de man met het laten vallen van zijn eis tot verrekening van het uit voorhuwelijks ge´nvesteerd vermogen zijn standpunt heeft gewijzigd en dat op grond daarvan de versie van man als niet consistent kan worden beschouwd. Zij acht de man daardoor niet betrouwbaar en is daarom van oordeel dat de vrouw voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de woning niet met overgespaard inkomen is verkregen. Het gerechtshof verwijst in haar beschikking naar een uitspraak van de Hoge Raad van 3 februari 2017 ECLI:HR:2017:161 waarbij door deze is overwogen dat het 'aannemelijk maken" van het feit dat een bepaald vermogensbestanddeel niet met overgespaard inkomen is verkregen voldoende moet worden geacht om het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 te ontzenuwen.

Verder beschouwd het hof de door de man ingebrachte verklaring van de kredietverstrekker waaruit blijkt dat deze toentertijd middels controles heeft vastgesteld dat naar behoren aan de bestedingsvoorwaarden van de verbouwingskredieten is voldaan als onvoldoende aanvullend bewijs. De grieven van de man werden afgewezen.

Hoe heeft deze situatie kunnen ontstaan.
Uit de beschikking eerste aanleg valt op te maken dat de rechtbank van mening was dat de stel en bewijslast bij de man lag. Zij stelde ôWeliswaar heeft de
man gesteld dat uit de tekst van de geldleningsovereenkomsten volgt dat de geleende
bedragen werden aangewend voor de verbouwingen, maar naar het oordeel van de
rechtbank is uit de tekst enkel op te maken dat de geleende bedragen bestemd zijn voor
verbouwingen en niet dat zij daadwerkelijk daarvoor zijn aangewend, zoals de vrouw als
verweer heeft gevoerdö.

Het gerechtshof heeft als taak een zaak opnieuw te beoordelen.
Het hof is het met betrekking tot de stel en bewijslast met de man eens dat deze bij de vrouw behoort.
In betreffend geval heeft de vrouw op geen enkele wijze haar stelling met sluitend bewijs aangetoond. Niet dat de op haar bankrekening gestorte geldbedragen daadwerkelijk zijn besteed voor de aanschaf van en verbouwingen aan de woning dan wel dat de gelden afkomstig van de hypothecaire geldleningen voor andere doelen zijn aangewend dan omschreven in de geldleningsovereenkomsten. Daarnaast heeft de man middels documenten heeft aangetoond dat de vrouw in eerste aanleg geen juiste en relevante informatie heeft verstrekt (art. 21 Rv).
Uit de omschrijving van het eerste hypothecaire krediet valt op te maken dat deze deels bestemt is voor voldoening van de aanschaf van de woning. Desondanks is het hof van mening ôdat de vrouw genoegzaam heeft aangetoond dat de aankoopsom is gefinancierd uit eigen vermogen van de vrouwö.

De vrouw heeft in haar verweerschrift hoger beroep gesteld dat de man door het laten vallen van zijn eis tot verrekening van zijn uit voorhuwelijks ge´nvesteerd vermogen van grondslag is veranderd.
Uit de stukken eerste aanleg had het hof kunnen opmaken dat deze stelling van de vrouw niet juist was. Daarnaast heeft de advocaat van de man dit ter zitting toegelicht.
Het hof gaat echter mee in de stelling van de vrouw dat er een grondslagwijziging heeft plaatsgevonden.

Waar ligt de grens van bewijzen/aannemelijk maken...
Over het algemeen kan worden verondersteld dat een dergelijk geschil dat aan de rechter wordt voorgelegd geen ruzie over 'kleingeld' betreft.
Er mag worden aangenomen dat de wetgever met het formuleren van de wet hierin heeft voorzien door weloverwogen criteria vast te stellen met als doel het recht te kunnen laten zegevieren.

Tot voorheen boden artikel 1:136 en 1:141 BW de man voldoende rechtszekerheid de vrouw niet te forceren over te gaan tot uitvoering van het verrekeningsbeding.
Ieder redelijk en weldenkend mens zou er immers vanuit moeten kunnen gaan dat een dergelijke onderbouwing als door de man gedaan voldoende zou moeten zijn duidelijkheid te verschaffen.

Door de uitspraak van 3 februari 2017 ECLI:HR:2017:161 waarin de Hoge Raad in al haar wijsheid heeft besloten dat het 'aannemelijk maken" van het feit dat een bepaald vermogensbestanddeel niet met overgespaard inkomen is verkregen voldoende moet worden geacht om het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 te ontzenuwen lijkt een gewijzigde situatie ontstaan.

Ik ben een leek maar, nog afgezien van het resultaat van een kosten/baten analyse, lijkt mij succes in cassatie vooralsnog nagenoeg kansloos. Het hof heeft immers aan de huidige richtlijn voldaan.
Ik kan mijzelf niet voorstellen dat de wetgever een dergelijke situatie voor ogen heeft gehad.
Kunt U helpen/aangeven hoe dit een vervolg te geven?
Bekijk profiel Stuur privé bericht
Berichten van afgelopen:   
Plaats nieuw bericht   Plaats reactie Pagina 1 van 1

Tijden zijn in GMT + 2 uur


Wie zijn er online?
Leden op dit forum: Geen

U mag geen nieuwe onderwerpen plaatsen
U mag geen reacties plaatsen
U mag uw berichten niet bewerken
U mag uw berichten niet verwijderen
U mag niet stemmen in polls

Ga naar:  



Home | Over Rechtenforum.nl | Agenda | Visie | Downloads | Links | Mail deze site | Contact

Sites: Rechtennieuws.nl | Jure.nl | Maxius.nl | Parlis.nl | Rechtenforum.nl | Juridischeagenda.nl | Juridica.nl | MijnWetten.nl | AdvocatenZoeken.nl

© 2003 - 2018 Rechtenforum.nl | Gebruiksvoorwaarden | Privacyverklaring | RSS feeds